Bestuurdersaansprakelijkheid bij dreigend faillissement: bescherm uw privévermogen nu het nog kan

Bestuurdersaansprakelijkheid bij dreigend faillissement is het scenario waar iedere MKB-ondernemer van wakker ligt zodra de BV

structureel in de rode cijfers belandt. U bent formeel beschermd door de rechtspersoon, maar die bescherming is niet absoluut. Zodra de

rechter, de curator of de Belastingdienst vaststelt dat u als bestuurder verkeerde keuzes heeft gemaakt op het moment dat u had

Structureel moeten ingrijpen, kan uw privévermogen alsnog worden aangesproken. Uw huis, uw spaargeld, uw auto, uw pensioenreserve, alles komt dan potentieel op tafel. In deze blog leest u precies wanneer persoonlijke aansprakelijkheid ontstaat, welke handelingen het risico vergroten en welke stappen u nu nog kunt zetten om uw privépositie veilig te houden. Wij zien dagelijks ondernemers in deze fase en weten dat het verschil tussen een fataal dossier en een beheersbaar traject meestal wordt bepaald door de keuzes in de laatste drie maanden vóór een faillissement.

Wat is bestuurdersaansprakelijkheid precies

Bestuurdersaansprakelijkheid is het wettelijke mechanisme waarmee u als bestuurder van een BV of NV persoonlijk kunt worden aangesproken voor schulden van de onderneming. De juridische basis ligt in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, aangevuld met specifieke bepalingen in de Invorderingswet en de Faillissementswet. In beginsel geldt dat een

rechtspersoon zelf aansprakelijk is voor haar schulden. Als bestuurder werkt u achter een juridische muur. Die muur houdt echter alleen stand zolang u uw taak naar behoren vervult. Vervalt die voorwaarde, dan valt de bescherming weg en komt u in beeld als privépersoon. Het verschil tussen aansprakelijkheid van de BV en aansprakelijkheid van

de bestuurder is dus geen academisch onderscheid, het bepaalt of u na een faillissement verder kunt ondernemen of dat u zelf in de privé-sanering belandt.

Wanneer raakt u persoonlijk aansprakelijk

Persoonlijke aansprakelijkheid ontstaat globaal in vier situaties. Ten eerste bij kennelijk onbehoorlijk bestuur in de drie jaar voor een faillissement. Ten tweede bij het aangaan van verplichtingen waarvan u wist of redelijkerwijs had moeten weten dat de BV deze niet kon

nakomen, de zogeheten Beklamel-norm. Ten derde bij het nalaten van verplichte meldingen aan Belastingdienst of pensioenfonds in geval van betalingsonmacht. En ten vierde bij selectieve betaling van bevriende crediteuren in de laatste fase vóór faillissement. Die vier gronden overlappen vaak. Een bestuurder die nog nieuwe orders aanneemt terwijl de cashflow al droog staat, loopt tegelijk tegen de Beklamel-norm, de

meldingsplicht en mogelijk tegen selectieve betaling aan. Het is precies die stapeling die curatoren en rechters-commissaris bij een dreigend faillissement onderzoeken.

Onbehoorlijk bestuur en de omgekeerde bewijslast

Onbehoorlijk bestuur is het juridische zwaard van Damocles boven iedere bestuurder. In een normale civiele zaak moet de eiser bewijzen dat de gedaagde fout zat. Bij bestuurdersaansprakelijkheid ligt dat anders. Als er sprake is van een faillissement én u heeft de jaarrekening niet tijdig gedeponeerd of de administratie niet op orde, dan wordt onbehoorlijk bestuur wettelijk verondersteld. U moet dan als bestuurder zelf aantonen dat het faillissement níét aan dat wanbeheer te wijten was. Deze omgekeerde bewijslast is brutaal. Zelfs als het echte probleem bijvoorbeeld een gefailleerde grote afnemer was, komt u in bewijsnood als uw jaarrekening een paar maanden te laat is gedeponeerd. Dit is de reden waarom wij bij iedere klant in crisis de administratieve basis als eerste controleren voordat we inhoudelijk adviseren.

KvK-deponering als harde deadline

De deponeringstermijn bij de Kamer van Koophandel is geen formaliteit, het is een aansprakelijkheidsgrens. Een kleine BV moet de jaarrekening binnen twaalf maanden na afloop van het boekjaar deponeren. Voor een middelgrote of grote BV is die termijn korter. Bent u te laat, dan staat de deur voor de curator open om onbehoorlijk bestuur als gegeven aan te nemen. Wij zien in onze praktijk dat ondernemers in een moeizaam boekjaar de deponering uitstellen omdat de cijfers pijn doen, wat begrijpelijk is, maar juridisch is het de slechtste denkbare

strategie. Deponeer altijd, ook als de cijfers slecht zijn. Een slechte jaarrekening op tijd is oneindig veel beter dan een perfecte jaarrekening te laat.

De meldingsplicht bij Belastingdienst en pensioenfonds

Zodra uw BV haar loonheffingen, omzetbelasting of pensioenpremies niet langer kan voldoen, bent u wettelijk verplicht dit binnen twee weken na de vervaldag te melden bij de Belastingdienst en bij het betrokken pensioenfonds. Deze betalingsonmachtmelding is een van de meest onderschatte instrumenten in het faillissementsrecht. Wie tijdig meldt, schuift de bewijslast naar de Belastingdienst. De inspecteur moet dan aantonen dat het niet-betalen aan uw wangedrag te wijten is.


Wie niet tijdig meldt, keert die situatie volledig om, de Belastingdienst gaat uit van bestuurdersaansprakelijkheid en u moet zelf het tegendeel bewijzen. Dit mechanisme staat los van uw intenties. Ook een ondernemer die oprecht nog hoopt dat de omzet zich

herstelt, verliest juridische positie door het niet te melden. De melding doet u digitaal via het ondernemersportaal van de Belastingdienst of schriftelijk op het standaardformulier. Onze klanten laten deze stap standaard door ons voorbereiden omdat de formulering, dossiervorming en timing bepalen hoe de Belastingdienst erop reageert.


Selectieve betaling en de pauliana

In de laatste weken voor een faillissement voelt iedere ondernemer de druk om vriendelijke leveranciers of persoonlijke zekerheidsstellers voor te trekken. Dat is menselijk, maar juridisch hoogst gevaarlijk. Als u een crediteur met wie u in privé verbonden bent, bijvoorbeeld een familielid, een bevriende onderneming of uzelf als rekening-courant, wél volledig betaalt terwijl andere crediteuren in de kou blijven staan, kwalificeert de curator dat als selectieve betaling. De curator kan deze betalingen via de faillissementspauliana

terugvorderen. Erger nog, de selectieve betaling wordt vaak gezien als aanvullend bewijs van onbehoorlijk bestuur. Een veilige vuistregel in de crisisfase, gelijke crediteuren gelijk behandelen. Wie in die fase twijfelt over een betaling, overlegt eerst met zijn adviseur en

documenteert de overweging schriftelijk.

Wat u nu nog concreet kunt doen

Als u dit leest met een dreigend faillissement op de kalender, zijn er acht concrete stappen die uw bestuurdersaansprakelijkheid aantoonbaar verlagen. Zet deze stappen liever vandaag dan morgen.


Leg alle bestuursbesluiten schriftelijk vast in een notulenboek, inclusief de overwegingen achter lastige keuzes. Een goed

gedocumenteerde redenering is in een latere procedure de beste bescherming tegen het verwijt van onbehoorlijk bestuur.


Breng de administratie volledig bij. Openstaande facturen, betalingsverplichtingen, loonadministratie en btw moeten op dag van

vandaag kloppen.


Deponeer alle achterstallige jaarrekeningen, ook als ze pijnlijke cijfers tonen.


Doe direct de betalingsonmachtmelding bij Belastingdienst en pensioenfonds zodra u inziet dat u structurele verplichtingen niet

meer tijdig gaat voldoen.


Stop met het aangaan van nieuwe verplichtingen die u niet kunt nakomen. Orders aannemen waarvan u weet dat u ze niet kunt leveren,

valt onder de Beklamel-norm.


Behandel crediteuren gelijk. Geen voorkeursbetalingen aan gelieerde partijen.


Laat onafhankelijk onderzoeken of een doorstart, verkoop of gecontroleerde beëindiging haalbaar is. Een WHOA-traject, een stille

bewindvoering of een pre-pack kunnen in bepaalde situaties het verschil maken tussen persoonlijk verlies en een redelijk vervolg.


Neem een adviseur die dagelijks met deze trajecten werkt. Een accountant of huisadvocaat die nooit eerder een faillissementstraject

heeft begeleid, is in deze fase geen veilige gids.

De rol van de curator na faillissement

Na uitspraak van het faillissement is de curator uw belangrijkste tegenpartij. Zijn of haar wettelijke taak is het vereffenen van de boedel ten behoeve van de gezamenlijke crediteuren, en daarbij onderzoekt de curator standaard of de bestuurder persoonlijk kan worden aangesproken. In dat onderzoek komen de jaarrekeningen, de kasadministratie, de betalingenstroom van de laatste zes tot twaalf maanden en de notulen op tafel. Een curator die een slecht gedocumenteerd dossier aantreft, zal eerder kiezen voor een aansprakelijkheidsstelling, simpelweg omdat de procedure makkelijker haalbaar is. Een curator die een zorgvuldig opgebouwd bestuursdossier aantreft, kiest vaker voor een schikking of ziet af van verdere actie. Hoe u tijdens de crisisfase handelt, bepaalt dus rechtstreeks hoe u ná het faillissement wordt benaderd.

Waarom vroeg ingrijpen het verschil maakt

De wrange realiteit is dat ondernemers die te laat aan de bel trekken, bijna altijd met persoonlijke schade eindigen, terwijl ondernemers die vroeg ingrijpen in veruit de meeste gevallen hun privévermogen behouden. De reden is niet magisch, in een vroeg stadium zijn er nog keuzes, zoals een WHOA-akkoord, een doorstart vanuit surseance, een verkoop aan een strategische partij of een gecontroleerde afwikkeling. In een laat stadium zijn die keuzes weg en resteert alleen nog het faillissement, waarbij de bestuurder alle juridische risico's draagt. De psychologische hobbel is groot, niemand wil zijn probleem eerlijk

benoemen. Maar hoe langer u wacht, hoe kleiner de juridische bewegingsruimte wordt. Binnen onze MKB-praktijk zien we iedere maand ondernemers die, als ze drie tot zes maanden eerder waren gekomen, een heel ander traject voor zich hadden gehad.


Veelgestelde vragen

Wanneer ben ik als bestuurder precies persoonlijk aansprakelijk voor
schulden van mijn BV?

U bent persoonlijk aansprakelijk als er sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur in de drie jaar voor faillissement, als u

verplichtingen bent aangegaan terwijl u wist dat de BV ze niet kon nakomen (Beklamel-norm), als u geen tijdige betalingsonmachtmelding

heeft gedaan bij Belastingdienst of pensioenfonds, of als u selectieve betalingen heeft gedaan in de crisisfase.

Kan ik nog persoonlijk aansprakelijk worden gesteld als ik tijdig ben
afgetreden als bestuurder?

Aftreden beschermt u niet met terugwerkende kracht. U blijft aansprakelijk voor beslissingen en nalatigheden uit uw

bestuursperiode. Wel beperkt tijdig aftreden de periode waarvoor u kunt worden aangesproken, mits u het terugtreden juridisch correct

heeft doorgevoerd en in de KvK heeft laten inschrijven.

Wat is de Beklamel-norm en wanneer geldt die?

De Beklamel-norm is de regel uit het gelijknamige arrest van de Hoge Raad (1989). U bent persoonlijk aansprakelijk voor de schade van een
wederpartij als u bij het aangaan van een verbintenis wist of redelijkerwijs behoorde te weten dat de BV deze niet kon nakomen. Deze
norm geldt vanaf het moment dat de BV structurele liquiditeitsproblemen heeft.

Hoe snel moet ik een betalingsonmachtmelding doen bij de Belastingdienst?

U moet de melding doen binnen twee weken na de vervaldag van de belasting of premie die u niet kunt voldoen. Te laat melden betekent

dat de bewijslast volledig bij u als bestuurder komt te liggen. Tijdig melden keert die bewijslast om ten gunste van de bestuurder.

Wat is het verschil tussen een WHOA-traject en een faillissement voor
mijn persoonlijke aansprakelijkheid?

In een WHOA-traject (Wet Homologatie Onderhands Akkoord) blijft u bestuurder en behoudt u regie. Het traject is bedoeld om een akkoord

met crediteuren af te dwingen buiten faillissement om. Uw persoonlijke aansprakelijkheid wordt daardoor drastisch beperkt, omdat de

juridische mechanismen van het faillissementsrecht niet in werking treden. Bij een faillissement ligt de regie bij de curator en loopt u

maximaal risico.

Heeft een schriftelijk notulenboek echt juridische waarde als het fout gaat?

Ja. In vrijwel elke aansprakelijkheidsprocedure speelt de vraag of de bestuurder zijn beslissingen kan onderbouwen. Een gedateerd

notulenboek met overwegingen, risico-inschattingen en externe adviezen is het sterkste verweer. Zonder dat dossier bent u juridisch in het

nadeel, ongeacht hoe zorgvuldig u feitelijk heeft gehandeld.

Ik heb privé-zekerheden gegeven voor de financiering van mijn BV.

Ik heb privé-zekerheden gegeven voor de financiering van mijn BV. Staat dat los van bestuurdersaansprakelijkheid?

Formeel wel, materieel niet. Een persoonlijke borgstelling of hoofdelijke aansprakelijkheid jegens de bank is een civielrechtelijke

verplichting die losstaat van bestuurdersaansprakelijkheid. Beide zaken kunnen echter gelijktijdig worden uitgewonnen, wat betekent dat

u bij een faillissement zowel door de bank als door de curator kunt worden aangesproken. In uw herstructurering moeten beide risico's

integraal worden beoordeeld.

Bronvermelding

Claim Bron Status
Onbehoorlijk bestuur wordt wettelijk verondersteld bij te late deponering of gebrekkige administratie Artikel 2:248 BW in samenhang met artikel 2:394 BW Actueel 2025
De Beklamel-norm stelt de bestuurder persoonlijk aansprakelijk voor verplichtingen aangegaan terwijl duidelijk was dat de BV ze niet kon nakomen Hoge Raad, Beklamel-arrest (HR 6 oktober 1989, NJ 1990, 286) Geldend standaardarrest
De betalingsonmachtmelding moet binnen twee weken na vervaldatum bij de Belastingdienst zijn gedaan Artikel 36 Invorderingswet 1990 Actueel 2025
Selectieve betaling aan gelieerde crediteuren kan via de faillissementspauliana worden teruggevorderd Artikel 42 Faillissementswet Actueel 2025
Het WHOA-traject biedt de bestuurder regie bij een akkoord buiten faillissement om Wet Homologatie Onderhands Akkoord, van kracht sinds 1 januari 2021 Actueel 2025

Persoonlijk advies

Staat u er in uw onderneming werkelijk zo voor dat bestuurdersaansprakelijkheid geen theoretische vraag meer is maar een

realistisch scenario, neem dan contact op met ons kantoor in Arnhem voor een vertrouwelijk gesprek. Wij werken dagelijks met

MKB-ondernemers in deze fase en weten wat het verschil maakt tussen een beheersbaar traject en een dossier waar u jaren later nog spijt

van heeft. Het eerste gesprek is altijd vertrouwelijk en vrijblijvend. Hoe eerder u contact opneemt, hoe meer juridische ruimte u behoudt. De

keuzes die u deze week maakt, bepalen uw positie in de twee jaar die volgen.